Interview Patrick en Rosemary

plantenkas
splitlevel

Russisch paleisje 1988-1994

 

 

Het is ons droomkasteeltje  

Patrick en Rosemary zijn nog niet verhuisd als ik gastvrij door hen wordt ontvangen in het Russisch paleisje. Patricks vader Herman de Waal en zijn Russische vrouw Yelena lieten het bouwen en woonden er zo’n 30 jaar. Patrick verwierf het huis in 2025 en is nu met Rosemary druk bezig met de laatste werkzaamheden om het te renoveren en smaakvol in te richten. Ze verwachten er eind 2026 te kunnen intrekken.

 

 

‘Ik was hier op bezoek toen het net klaar was, in 1994 of zo, toen vond ik het al een heel gaaf huis, omdat het zo apart is’, vertrouwt Patrick mij toe. Misschien wat ‘overdone’ met die uien en zo, maar mooi, met al die niveaus. Het is een heel licht huis. Het licht komt van alle kanten binnen, heel speels. En ik wordt vrolijk van de kleuren die er zijn. Het huis heeft een prachtig toegangshek, een poortgebouw en een oprijlaan, dat doet me denken aan een soort landhuis. Er zit iets van een kasteeltje in en het was altijd al mijn droom om kasteelheer te worden’, zegt hij lachend.

 

 

Patrick en Rosemary zijn met de foto’s en plattegronden van het huis langs een aantal woonwinkels gegaan en toen bleek het moeilijk om goeie adviezen te krijgen over een geschikte inrichting. ‘Toen zijn we maar op onze eigen intuïtie afgegaan’, zegt Rosemary. ‘We hebben veel bekeken, ook in woontijdschriften. We wilden warmte toevoegen aan het huis. We vonden het huis kil aanvoelen toen het helemaal leeg was, de ziel ontbrak.’

Het Russisch paleisje gezien vanuit de tuin met rechts de oprijlaan met halfronde plantenbakken en een rij kastanjebomen.

Seventies inrichting met warme kleuren

Patrick: ‘Het huis had inderdaad warmte nodig. Als ik hier online zat te werken dachten mensen dat ik in een zwembad zat, of in een gymzaal, vanwege de tegelvloer. We hebben gekozen voor een oranje bank met een beetje een “seventieslook”, bijpassende glazen bijzettafels, een oranjebruin en een groen vloerkleed. Ze werkten toen veel met oranje en warme houttinten, bijvoorbeeld walnotenhout.’

 

 

Rosemary: ‘Wij hebben onze keuken in die donkerbruine kleur laten maken. En we hebben gekozen voor een mooie zandkleur voor de wanden. Het jute was oud en vergeeld. Er zit nu een ander geluiddempend materiaal op. Alleen bij de spiegel in de hal hebben we een stukje jute laten zitten.’

‘In de tijd van jouw vader hingen er overal transparante, blauwgroene gordijnen met een patroon. Er zijn nog foto’s van. Wij hebben transparante, effen gordijnen in een gedekte tint uitgezocht, passend bij het behang.’

De kleine zithoek op de eet-woonverdieping. De deur rechts geeft toegang tot het ‘pauselijk balkon’.
De grote zithoek op de bovenste verdieping waar ook de vleugel van Yelena, de vorige bewoonster, staat.

Bij het vuur vóór het slapen gaan

Patrick: ‘In eerste instantie wilden we veel verbouwen, maar mijn vader gaf ons het advies om er eerst maar eens te gaan zitten om het interieur op je in te laten werken. Het was inderdaad een leerzaam proces en nu zijn we helemaal om. Piet Blom heeft over alles nagedacht, alles klopt en daardoor is het bijna onmogelijk om iets te veranderen. Eerst wilden we een kookeiland, maar dat past hier gewoon niet. De keukeninrichting is helemaal nieuw, maar de vorm van de oude keuken hebben we gevolgd, er zitten heel veel hoeken in, en de positionering van de koelvriescombinatie en de afwasmachine is dezelfde gebleven.’

 

 

‘Aanvankelijk hadden we wilde plannen. We hebben Abel Blom, de zoon van de architect, uitgenodigd om een ontwerp te maken voor de verbouwing en uitbreiding van het tuingebouw. Hij kwam hier in het huis binnen en riep direct enthousiast: “Oh geweldig, de vloer ligt er nog in!” Hij wees ons op het patroon dat een beetje lijkt op de structuur van een weefsel. Rosemary zag direct dat het lijkt op een “platbinding”, zij heeft verstand van textiel want ze heeft een achtergrond in de stoffenhandel. Het patroon loopt overal door, heel consistent.’

 

 

‘Voor de uitbreiding van het tuingebouw had Abel een plan gemaakt. Hij had alles getekend in stijl, het zag er heel mooi uit. Maar dat zou heel ingrijpend zijn geworden, de dikke muren en de betonvloeren, je moest alles stukmaken. En je verstoorde de harmonie van de tuin. Nu hebben we veel meer respect voor het huis. Dat de kinderslaapkamers klein zijn bijvoorbeeld, dat is iets waar je mee moet leren leven. Zo heeft Piet Blom het ook bedoeld: de slaapkamers zijn voor slapen, leven doe je in de rest van het huis. Onze eigen slaapkamer grenst aan een hoge, maar intieme ruimte met een schouw. Dat is toch geweldig, dat je hier ’s-avonds kan zitten bij het vuur voordat je gaat slapen!’

 

Voor een interview met Abel Blom: klik hier!

Op de slaapverdieping in het souterrain is een gezellige zithoek met open haard naast de ouderslaapkamer.

Een gevoel van verbondenheid met de maker

‘We hebben meer waardering gekregen voor de bijzondere architectuur. In eerste instantie was het frustrerend, we hebben veel ideeën moeten loslaten. Maar gaandeweg kregen we meer begrip voor hoe het huis is gemaakt. We kregen een gevoel van verbondenheid met Piet. Ik denk soms, jee Piet, wat heb jij je ziel hier ingestopt! Het was voor mij een openbaring dat er zo goed is nagedacht over het ontwerp: alles is maatwerk, ook de bureaus in de werkkamer en kinderkamers, de bedden, de zitmeubels, de vaste kasten. Je moet daar niet tegen willen vechten, dan verstoor je alles, je moet erin mee gaan. De vaste banken hebben we wel weggehaald; ze zaten niet lekker en versperden de doorgang naar andere ruimtes en naar het “pauselijk balkon”. Onze badkamer laten we ook aanpassen, maar alle toiletten met douches willen we in stand houden.’

 

 

Tijdens het gesprek komen een aantal vragen op die alleen zijn vader kan beantwoorden, dus stelt Patrick voor om hem even te bellen. Herman de Waal was directeur bij Wilma Bouw, een groot aannemersbedrijf en tevens projectontwikkelaar. Hij kocht in de wijk Zielhorst een groot kavel voor zijn eigen huis.

 

 

Herman: ‘Waarom de bouw zolang heeft geduurd? In 1988 of ‘89 heb ik Piet naar Amersfoort gehaald voor het ontwerp, dat was in één weekend klaar en ik vond het gelijk goed. Het was echt Piet Bloms huis. Maar de bouw heeft lang stil gelegen. Het was een gecompliceerd ontwerp, moeilijk om te bouwen. Maar ja, ik wilde een bijzonder huis hebben. Ik ben bouwer geworden omdat ik dat gewoon hartstikke mooi vond. Maar mijn eigen huis, dat was eigenlijk liefhebberij.’

De verdiepingen zijn met elkaar verbonden door open trappen met onverwachte doorzichten.

Groene kleurenpracht

Op de acht meter hoge bovenste verdieping kijken we naar de vele ramen rondom met uitzicht op de tuin en naar het magnifieke dak met de lichtkoepel. ‘Dit is mooi, het bovenlicht en al dat groen’, vindt Patrick. ‘Dat groene hout doet gewoon iets met je. Normale huizen hebben dit niet, die kleurenpracht. Het schilderwerk is door echte vakmensen gedaan. Het is nog helemaal goed, ook na twee jaar leegstand.’

 

 

‘Het huis is heel comfortabel, want er is overal vloerverwarming. En er zit een koelinstallatie in de grote installatieschacht. Die kan je bereiken via dat trapje. Overal zitten ventilatieopeningen in de muren die zorgen voor de luchtcirculatie. Daardoor is het zomers relatief koel, vooral beneden.’

 

 

‘Mijn vader nam ons als kind altijd mee naar bouwplaatsen, ook in de vakanties. Hij heeft mij echt geïnspireerd. En hij kon heel goed fotograferen. Hij heeft mij geleerd hoe je gebouwen goed kan fotograferen, toen nog met een ouderwetse spiegelreflex camera.’

De kleurenpracht van de groen gekleurde balken is het best te ervaren op de bovenste verdieping.
Links naast de trap bevindt zich de vide van de greenery waar palmen inkomen.

Hier komen palmen in

Vanuit de ‘loft’ kan je naar beneden kijken in de vide van de ‘greenery’, wijst Rosemary. ‘Hier komen palmen in. Daar leent die hoge ruimte zich heel goed voor. De bedoeling is dat ik bij de keuken mijn kruidentuintje ga maken en daar komen de tomaten- en komkommerplantjes. En de moestuin willen we in ere herstellen.’

 

 

Nu staat er alleen nog maar een koffieplant van Patrick. Hij werkt voor een groot koffiemerk. Hij heeft ook een groter, manshoog exemplaar waar al bessen aan zitten. De plant is met liefde geteeld in een grote kas. Vandaar dat hij zo groot is geworden, met een geweldige opbrengst aan bonen.

 

 

Eenmaal terug bij de keuken lopen we nog even het terras op dat bij de keuken ligt. ‘Heb je het gezien?’, vraagt Rosemary. ‘Hier liggen eenvoudige betontegels in wit, rood en geel. Ze zijn een beetje verweerd, maar hier onder het afdak zijn ze nog mooi: ze zijn gelegd in bloempatronen.’

 

 

Patrick: ‘Het klinkt misschien spiritueel, maar we vinden het een heel fijn huis omdat we ons hier meteen welkom voelden. Dit huis geeft kleur in een grijze samenleving.’

 

Bekijk het Huizenportret: klik hier!

 

Tekst: Barbara Laan

Foto’s: Bert Muller

Copyright: SHI/BMbeeld 2026

De honingraattegels van het verhoogde terras aan de achterzijde zijn gelegd in bloempatronen.