Den Haag

Huis op de bunker (1951-1955)

Romke de Vries
Jaren 50

Een bungalow tussen de boomkruinen

 

 

Bij het landgoed Clingendael in Den Haag zijn na de Tweede Wereldoorlog enkele Duitse bunkers blijven staan. Omdat deze bijna onverwoestbaar waren zijn sommige daarvan gebruikt als fundament voor Wederopbouw-villa’s. Het echtpaar Jan en Hilda van Kampen-De Breij kocht in 1950 een bouwkavel met een kolossale bunker erop en gaf de bevriende architect R. Romke de Vries de opdracht voor de bouw van hun woning. Het werd een bungalow, opgetild tussen de boomkruinen aan de Ruychrocklaan 221. Het blok beton van de bunker werd omgetoverd in een kunstmatige rots door een gedeeltelijke bekleding met Kunrader breuksteen en een opruwing van het betonnen oppervlak.

 

 

De opdrachtgevers drukten een belangrijk stempel op het ontwerp, hij vooral op de architectuur en zij op het interieur en de tuin. Jan was directeur van de Amsterdamsche Aannemingsmaatschappij (AAM). Jan en Romke waren vrienden met een gedeelde liefde voor wedstrijdzeilen, hetgeen zichtbaar werd in allerlei maritieme details zoals scheepsrelingen, afgeronde hoeken van ramen en muren, klaptafels en dergelijke. Hilda bemoeide zich intensief met de kleuren in het interieur en met de aanleg en beplanting van de tuin. Ze had de opleiding gevolgd aan Huis te Lande, de antroposofische Tuinbouwschool voor meisjes in Rijswijk.

 

 

Romke de Vries (1908-1997) studeerde in 1942 af als architect aan de Academie van Bouwkunst in Amsterdam, toen nog het Hooger Bouwkunst Onderricht (HBO). Hij nam in oorlogstijd deel aan de ondergrondse Kerngroep Woningarchitectuur ter voorbereiding van de naoorlogse wederopbouw van de woningbouw. In de jaren veertig en vijftig publiceerde hij al in diverse Nederlandse en buitenlandse bouwkundige tijdschriften waaronder Bouw, Bouwkundig Weekblad, Goed Wonen, Forum, Domus en Architectural Design. Ook was hij lid van verschillende architectengroepen waaronder Opbouw en CIAM. Hij wordt gerekend tot de naoorlogse modernisten.

Aan de achterzijde is de bunker in de onderbouw goed zichtbaar.

Een hechte opdrachtrelatie

 

De familie Van Kampen-de Breij bewoonde het huis van 1955 tot 2012. Zij hadden vijf kinderen: Petra, Dirk Jan en Jan Willem, Marco en Katja. Aanvankelijk was er een inwonend dienstmeisje, Kitty. Haar kamer werd later in gebruik genomen als kinderkamer. De kinderen gingen naar de Vrije School in Den Haag. Hilda nam Romke mee naar het schoolgebouw om hem het antroposofische kleurgebruik te laten zien. Toen Hilda in 2015 overleed erfden de kinderen en kleinkinderen het huis. De huidige eigenaren, Steven van der Goes en Paulien Bekker, kochten het huis in dat jaar en begonnen aan een intensief restauratietraject. Zij betrokken het huis met hun twee kinderen in 2017.

Aan de achterzijde zijn geel grijze kalkstenen blokken breuksteen aangebracht zodat de bunker lijkt op een rotsachtige formatie. (foto Jan Versnel MAi)
Drie van de vijf kinderen van het echtpaar Van Kampen-de Brei. Vanuit de eetkamer is via het doorgeefluik de keuken te zien.

Plastisch kunstwerk met vijf buitentrappen

 

De bungalow ligt met de voorzijde aan de straat op het noordwesten en is geplaatst op het bunkervolume van 22 x 11 x 5 meter. Aan de voorzijde is de bunker alleen te herkennen op de west- en de noordhoek van het huis. De kern van het bunkergebouw is omgevormd tot twee garages waarvan de brede, houten kanteldeuren de bunker maskeren. De rest van de gevel bestaat uit een plastische geleding van bakstenen muren. De driedeling van de gevel bestaat naast het centrale deel met garages uit een entreegedeelte met trap onder een uitkragend, iets lager dak (op het noorden) en een gedeelte met de uitkragende woonruimte, gemarkeerd door een hoekvenster, ook met een iets lager dak (op het westen). Deze drie delen worden verticaal van elkaar gescheiden door een monumentale schoorsteen en een kolom waarin de hoofdafvoer van de woning verstopt zit.

 

De verhouding beton-baksteen is precies andersom aan de achtergevel, gelegen op het zuidoosten. De gehele betonnen onderbouw is aanwezig, zij het deels bekleed met een geel grijze kalksteen uit Kunrade, Zuid-Limburg. Dit geeft de impressie van een rotsachtige formatie. De indruk van een natuurlijke rots wordt versterkt door planten die omhoog groeien tegen het beton. Ook hier is een uitkragende ruimte, de eetkamer, dit keer in de andere uithoek van het huis, aan de noordoostkant. Een buitentrap geeft toegang tot de eetkamer waar een vaste buitenzithoek is aangebracht. Ook aan de achtergevel is een driedeling als verticale geleding zichtbaar. En tevens de twee uitgebouwde gedeeltes onder een lager dak.

 

De zuidwestgevel toont het hoekvenster van de overstekende woonruimte, gedragen door een ronde betonnen kolom. Deze rust op een deel van de oorspronkelijke uitbouw van de bunker die in baksteen was opgetrokken. Op dit gebouwonderdeel werd een grasveld aangelegd, tegenwoordig met moestuinbakken. Het is zowel aan de voor- als aan de achterzijde bereikbaar via een buitentrap. Ook is het via een trap verbonden met het hoger gelegen terras dat grenst aan de achterzijde van de woonruimte. Dit terras is omgeven door een vaste, L-vormige bloembak die doorloopt tot aan de buitenzithoek.

 

De noordoostgevel is afgesloten met een halfhoge betonnen wand bij de hoofdentree. Het portiek is verbonden met een terras aan de achterzijde van het huis waar een leveranciersingang toegang geeft tot de bijkeuken. Tussen bijkeuken en eetkamer bevindt zich de keuken.

De hoofdingang bevindt zich aan de noordzijde en is bereikbaar vanaf de straat met een buitentrap met houten reling.
De woonkamer steekt aan de zuidwestzijde over de bunker heen. Een buitentrap leidt via een tuinterras naar de achtertuin.
De plantenbak die aan twee zijden om het huis is aangebracht.
Grenzend aan de eetkamer bevindt zich aan de achterzijde een buitenzit.
De hoofdingang bevindt zich in de zijgevel en wordt afgeschermd door een halfhoge betonnen wand.
De voordeur is ingeklemd tussen de muren van handgevormde baksteen in diverse tinten.

Het woonprogramma

Achter de voordeur ligt een tochtportaal, een garderobe met kapstokken, vaste bergruimte, een wastafel met spiegel en een wc. Vanuit de L-vormige gang met daklichten zijn de keuken annex bijkeuken met daarachter de eetkamer bereikbaar en tevens de woonruimte aan de andere zijde van het huis. Tussen entree en woonkamer bevinden zich de slaapkamers met bijbehorend sanitair. Aan de straatkant van het huis liggen de kamer van de dienstbode (later kinderkamer) en de badkamer annex slaapkamer en kleedkamer van de ouders. Aan de tuinzijde liggen drie kamers: voor het oudste meisje Petra en de drie broers waarvan de middelste twee een kamer deelden. Daar tussenin lag de douche voor de jongens. Petra had een eigen wastafel.

 

De interieurs voelen aan als een maatpak. Elke ruimte heeft zijn eigen programma van eisen wat betreft bergruimte en faciliteiten om dingen neer te zetten of op te hangen. Zo zijn er zeven haakjes in de badkamer voor de zeven gezinsleden. In de sanitaire ruimtes zijn plankjes en toiletgarnituren nog aanwezig, alleen de kranen zijn in het verleden al eens vervangen. In de keuken, bijkeuken en eetkamer is er werkruimte, aflegruimte en kastruimte voor keukengereedschappen, eet- en drinkserviezen, bestek en voorraden, een broodplank, een klaptafel en een grote kastenwand met een afsluitbaar doorgeefluik. Romke de Vries was een groot voorstander en pleitbezorger van dergelijke praktische kastenwanden die zowel aan de keuken- als aan de eetkamerzijde toegankelijk waren.

 

In de woonruimte vinden we een open haard en vaste plantenbakken. Daarnaast een op maat ontworpen multifunctioneel meubel met barklep, drankenkast, spoelbak, servieskast en ruimte voor radio, platenspeler en boeken; alles nog in de originele kleurrijke afwerkingen. Maar ook een boekenkast met maatwerk boekenplanken en -steuntjes op modulaire plankendragers. Romke de Vries was voorstander van beide meubeltypen.

De L-vormige gang leidt aan de linkerzijde naar de keuken, bijkeuken en eetkamer en rechts langs de slaapvertrekken naar de woonkamer.
Bij binnenkomst bevindt zich rechts de garderobe met wc en rechtdoor de gang naar de woonkamer. De garderobe heeft kleurrijke vakken voor handschoenen en dergelijke.
De bijkeuken gezien naar het aanrecht.
De bijkeuken gezien naar de leveranciersingang.
De keuken met klaptafel gezien richting de kastenwand met doorgeefluik naar de eetkamer.

Materialen en kleuren

 

De keuze van de toegepaste materialen en kleuren is heel zorgvuldig en afgestemd op de contrastwerking van koele en warme materialen, gladde en grove structuren, glanzende en matte oppervlakken, zowel binnen als buiten. Het koele, grijze beton is grof gehamerd (gebouchardeerd) en het warme mahoniehouten fineer van de garagedeuren is hoogglans gelakt en omrand met een gloedvol donkerrood. De handgevormde Brabantse baksteen is genuanceerd in de tinten rood, oranje, bruin en zelfs richting zwart. Het buitenschilderwerk is mattig wit.

 

De ruwe Noorse kwartsietleisteen van traptreden en paden heeft een groenig grijze toon en is binnen gelegd in de entree en de gangen, en buiten op trappen en terrassen. De gladde, houten strokenvloeren zijn van warm Afrikaans hout (kambala of irokohout). Warme afzelia betimmeringen contrasteren met grijs granito. Matte witte en lichtblauwe tegels zijn gecombineerd met glanzende crémekleurig gestreepte vinylvloeren (Colovinyl) in de sanitaire ruimtes en de keuken, tegenwoordig een vergelijkbaar, speciaal op maat gemaakte asbestvrije vinyltegel. Glasmozaïeksteentjes in lichtgrijs, wit met rode accenten zijn gebruikt in de woonkamer, de eetkamer en de garderobe.

 

Het opvallende kleurenschema van de wanden, deuren en kasten is in nauwe samenspraak met Hilda van Kampen tot stand gekomen. Volgens zoon Marco heeft Hilda samen met de schilder de kleuren in het werk staan mengen. Zij liet zich waarschijnlijk leiden door het kleurgebruik in de nabijgelegen Vrije School.

 

Het zijn tinten geel, rood en blauw (gemengd met enig wit) die zijn toegepast in het huis op pleisterwerk en hout in combinatie met lichte grijzen en ‘zwart van de strijkkant van een luciferdoos’.

In de woonkamer is een multifunctioneel meubel ingebouwd met barklep, drankenkast, spoelbak, servieskast en ruimte voor radio, platenspeler en boeken.
De openhaardhoek in de woonkamer.
De vouwdeuren die toegang bieden tot het terras.
De badkamer van de ouders heeft twee wastafels en een ligbad.
De badkamer van de jongens heeft een wastafel en een douche.

Exterieur – interieur

De relatie tussen de tuin en het huis werd sterker door de buitenruimte in terrasbouw aan te leggen. De terrassen zijn in verschillende niveaus tegen het huis aangebouwd. Het terrein van de achtertuin werd iets opgehoogd en er werden een vijver, een zandbak, een schommelplek en een overdekte speelruimte met wc en berging gemaakt (onder het terras met het grasveld aan de zuidwestzijde). De kinderen kunnen de achtertuin met de speelmogelijkheden bereiken vanuit hun slaapkamers en via de buitentrappen. De vijver werd met de restauratie teruggebracht nadat deze in de jaren 1970 was gedempt. In diezelfde periode werd er in de speelruimte een bar gebouwd, mogelijk ontworpen door Romke de Vries.

 

Ook vanuit het huis zelf is de relatie met de natuur overal zichtbaar en voelbaar. De meeste ruimtes zijn licht door de grote glasoppervlakken. De woonruimte geeft toegang tot het terras op het zuiden via vouwdeuren die de hele gevel openen naar de achterzijde. De eetkamer heeft ramen aan drie zijden en een buitenzit om buiten te kunnen eten.

 

Maar het meest wezenlijk voor de natuurbeleving is wel de hoge ligging van de bungalow, opgetild tussen de boomkruinen. Vanuit het interieur is het uitzicht als van een bergtop, buiten is het een begroeide rots die uitnodigt tot klimmen.

 

Interview over de restauratie: klik hier!

 

Tekst: Barbara Laan

Foto’s: Bert Muller

Copyright: SHI/BMbeeld 2026/Jan Versnel/Maria Austria Stichting 1963

 

 

Bronnen

Oude foto’s en documentatie collectie familie/eigenaren

Fischer, Bouwhistorisch onderzoek huis op de bunker, Ruychrocklaan 221, Den Haag, Amsterdam 2020

Verdonck, S. van der Goes en M. Deceuninck, ‘Het huis op de bunker van architect R. Romke de Vries (1951-1955). Een symbiose van kleur en maatwerk’, Tijdschrift voor Interieurgeschiedenis en Design, 40(2018) p. 127-141

Verdonck en S. van der Goes, House on a Bunker by Architect R. Romke de Vries: From Military Accommodation to Residential Refinement, conference paper SAHC – RILEM, 2019

 

Plattegrond van de bungalow en de tuin.
Glasmozaïeksteentjes als afdekking op een vast buffetje in de eetkamer.

Meer info over dit huizenportret?

Stuur ons een mail