Santpoort

Huis van Dantzig – Syrinx (1959-1960)

Gerrit Rietveld
Jaren 50 Jaren 60

Verbintenissen tussen opdrachtgevers en ontwerpers

 

Gerrit Rietveld (1888-1964) ontwierp in 1959-1960 Huis van Dantzig – Syrinx aan de Harddraverslaan in Santpoort. Het huis voor de familie Van Dantzig-Mees is een geslaagd voorbeeld van hoe een hechte geestelijke verwantschap tussen opdrachtgevers en ontwerpers kan leiden tot een kwalitatief hoogstaande architectuur en inrichting. Marianne van Dantzig-Mees, zelf opgegroeid in een huis dat Rietveld in 1936 had ontworpen voor haar ouders in Den Haag, woonde er met haar man Huug en hun drie kinderen: Marieke, Paul en Vincent.

Gerrit Rietveld ontwierp dit huis voor het echtpaar in 1959 en bij het keukenontwerp was de zus van Marianne, Dora Mees, betrokken die op dat moment stage liep bij Rietveld en daarna de opleiding tot binnenhuisarchitect ging volgen in Den Haag. Marianne was dagelijks te vinden op de bouwplaats.

Huug, die grote affiniteit had met bouwkunde, ontwikkelde plannen voor het bouwen van een eigen woonhuis. Het echtpaar kocht een glooiend stuk duingrond aan de zuidkant van Santpoort en na bezichtiging van een toen net gebouwd huis van Rietveld in Ilpendam, kreeg hij de opdracht. Toen Huug na tien jaar van baan wisselde moest het gezin het huis noodgedwongen verlaten en gaven ze Dora Mees en haar man de gelegenheid om het te kopen.

Voorgevel aan de noordzijde met links de hoger gelegen opgang naar het ingangsportaal en rechts de lager gelegen garages.

De naam Syrinx

 

Dora Mees was niet alleen verzot op moderne architectuur, maar ook op muziek. Zij heeft het huis de naam Syrinx meegegeven, ontleend aan een muziekstuk van de Franse componist Claude Debussy. De familie Mees bestond uit diverse generaties muziekliefhebbers – de moeder van Marianne en Dora bespeelde de vleugel in het huis in Den Haag, Marianne organiseerde huisconcerten in Santpoort en de dochter van Dora, Reinild, werd concertpianiste. Zij was het die de compositie Syrinx op de dwarsfluit speelde. Het is geïnspireerd op het verhaal van de Griekse god Pan. Hij bespeelde een rieten (pan)fluit vanwege zijn verdriet om de nimf Syrinx, die aan zijn avances wist te ontkomen door zichzelf in riet te veranderen.

Dora Mees woonde vanaf 1970 in het huis, samen met haar echtgenoot Wouter: ook heel muzikaal (hij was tenor en zong), en hun vier kinderen. Zij plaatste er diverse meubelontwerpen van Rietveld, waaronder een paar Amersfoortse stoelen en de lattenkinderstoel in de woonkamer en ontwierp zelf een aantal gele tafeltjes. Zij beschouwde haar huis een beetje als een museum. Dora is in haar geliefde Rietveldhuis overleden in 2016, op 96-jarige leeftijd.

Achtergevel aan de zuidzijde met links het slaapgedeelte en rechts het woondeel.

De uitdaging van een aflopend duin

 

Om een bungalow te ontwerpen op een aflopend perceel duingrond was een uitdaging. Hoewel het platte dak van het hele huis op hetzelfde niveau ligt, bestaat het huis uit een hoger gelegen woongedeelte van één bouwlaag (de keuken, bijkeuken, eet- en woonruimte aan de oostkant) en een lager gelegen deel van twee bouwlagen (vier slaapvertrekken en de badkamer met daaronder garage, werk- en logeerkamer, berging e.a. aan de westkant). Tussen beide delen bevindt zich een tussenlid met de entree en daarachter een royale, dwars geplaatste hal en een werkkamer.

Aan de voorzijde is het niveauverschil in het terrein te zien aan de splitsing van de toegangsweg die links via een tuinpad omhoog leidt naar de markante, in beton uitgevoerde portaal, en rechts laag blijft voor de oprit naar de dubbele garage.

Aan de achterzijde is het hoogteverschil opgelost met een stenen tuintrap die de hoger gelegen terrassen bij de woon- werk- en ouderslaapkamer verbindt met het lager gelegen terras achter de garages.

Hal gezien naar het westen met portaal, trap en gang naar het slaapgedeelte.
Hal gezien naar het oosten met portaal, garderobe en doorzicht naar het woongedeelte.
Keuken met roomdivider, keukentafel en eettafel.

Karakteristieken van het ontwerp

 

De vierkante, betonnen koker waarin zich het portaal van de hoofdingang bevindt, is zonder meer een eyecatcher bij aankomst. Het portaal is als het ware in de gevel gestoken en te bereiken met een betonnen trap met ‘zwevende’ treden. Rietveld verfde de binnenzijde eigenhandig in blauw met een dot oude kousen van mevrouw. Tegenwoordig is alleen de kopse kant van de kubus blauw geschilderd en hebben de wanden verder de uitstraling van ruw beton waarin de gaatjes van luchtbelletjes zichtbaar zijn.

Na binnenkomst via de geheel glazen puien van het portiek openbaart zich een in de breedte georiënteerde hal met een ingenieuze toetreding van daglicht via de centraal geplaatste bovenlichten. Indirect licht valt in van boven de spiltrap en vanuit de beide zijvleugels. In de garderobe biedt een glazen plafond met daarachter kunstlicht een intieme verlichting.

Het zicht vanuit de hal naar de keuken en de leefruimte is optimaal vanwege de overhoeks geplaatste glazen puien van vloer tot plafond. Niet alleen de visuele relatie tussen de vertrekken is groot, ook het zicht op de tuin is prominent, vooral aan de oost- en zuidkant vanwege de kamerhoge, glazen wanden en schuifpuien.

Eettafel en opening in de roomdivider richting keuken.
Links de keuken en rechts de eettafel met daarachter de glazen schuifpui.

Roomdivider

 

Een vernieuwend element in de grote leefruimte waar zich zowel de keuken, eettafel als het woongedeelte bevinden is de driekwarthoge kastenwand die een verdeling aanbrengt zonder de ruimte fysiek helemaal te begrenzen. De wand laat een brede doorgang open aan de zijde van de hal en de bovenkant van de kast laat het plafond vrij.

Een dergelijk ruimtelijk element, ook wel ‘roomdivider’ genoemd, maakt het mogelijk om de zichtlijnen te benadrukken en tegelijk ‘plekken’ in de ruimte te definiëren voor specifieke functies. Aan beide zijden van de kastenwand staan tafels, in elkaars verlengde opgesteld; de keukentafel is aan het meubel verbonden en de eettafel staat los. Ruimtelijk versterkt deze opstelling de zichtlijnen tussen de beide delen van de ruimte.

De kastenwand heeft kasten aan beide zijden en is voorzien van een brede opening dat dienst doet als ‘doorgeefluik’. Het ontwerp is gebaseerd op een grid van zes keer drie, rechthoekige kastdeuren zonder handgrepen en een lage plint. Het is een uitgekiend stukje interieurkunst van hoge kwaliteit, zowel functioneel, ruimtelijk en qua vormgeving.

Trappenhuis met spiltrap naar garage en dak.
De gang naar het slaapgedeelte met glazen wand van aan de voorzijde.

Constructie en materialen

 

De constructie van het huis bestaat uit een skelet van stalen H-profielen en muren van geglazuurde witte en zwarte baksteen (later geschilderd in die kleuren omdat het glazuur van slechte kwaliteit was). De stalen balken werden geleverd door de firma Du Croo & Brauns waarvan Huug van Dantzig directeur was. De profielen zijn aan de buitenkant in het zicht gelaten, wat er fraai uit ziet, maar ook vochtproblematiek met zich mee brengt.

De stalen ramen zijn gevat in witgeschilderde houten kozijnen. In de westelijke vleugel zijn tevens zwart glazen panelen in de gevels toegepast. De garagedeuren en de buitendeur aan de tuinzijde zijn geschilderd in ultramarijn. Ook de geperforeerde treden van de metalen spiltrap in de hal zijn blauw geschilderd. De trap die leidt naar souterrain en dak is speciaal voor het huis gemaakt. Volgens diverse beschrijvingen is de voor Rietveld niet heel gebruikelijke kleur olijfgroen toegepast voor deuren en lichte mengkleuren voor sommige gestucte wanden in het interieur.

In het slaapgedeelte zijn de H-profielen en de zwart glazen panelen goed zichtbaar.

Functioneel en esthetisch kleurgebruik

De vloer in de hal is bekleed met grijze mozaïektegeltjes en de ruimten in het slaapdeel zijn bedekt met linoleum. De leefruimte en keuken hebben een wengéhouten vloer met stroken die in de lengterichting liggen. Verder zijn de voor Rietveld kenmerkende kleuren geel, rood en blauw in deze ruimte toegepast. In het natte deel van de keuken bij het aanrecht en in de nis van het fornuis liggen blauwe tegels; de wanden van de nis zijn met grijze tegels bekleed, evenals de wanden in de badkamer. De keukenkasten zijn geel en de kast waarin de strijkplank kan worden opgeborgen is lichtgrijs, evenals de betegeling in de badkamer. De boekenkast bij de eettafel heeft accenten in grijs, geel en rood. Kleuronderzoek zou kunnen uitwijzen hoe het kleurenschema er oorspronkelijk precies heeft uitgezien.

De bungalow stond tijdens de bezichtiging in 2022 te koop, toen deze beschrijving en de foto’s in overleg met de toenmalige eigenaren zijn gemaakt. Mogelijk zijn er inmiddels wijzigingen aangebracht door de nieuwe eigenaren.

 

Tekst: Barbara Laan

Foto’s: Bert Muller

Copyright: SHI/BMbeeld 2022

 

Bronnen

G.H. Rodijk, De huizen van Rietveld, Zwolle 1991, pp. 146-149

I. van Zijl, Gerrit Rietveld, London 2010, p. 176

W. Zwikstra en M. van den Erenbeemt e.a., Gerrit Rietveld. Weelde van de eenvoud, Amsterdam 2018, pp. 398-400

Keuken met ingebouwde kast voor de strijkplank en zicht naar de hal.
Ouderslaapkamer met vaste kasten en doorzicht naar de badkamer.

Meer info over dit huizenportret?

Stuur ons een mail