Haarlem

Huis Bakels (1983-1985)

Sjoerd Soeters
Jaren 80

De architectuur spreekt in de vorm

In de Haarlemse wijk Tuinwijk-Zuid staat aan de Crayenesterlaan  een bescheiden, maar opvallend vrijstaand huis naar ontwerp van de postmoderne architect Sjoerd Soeters (1947). Hij studeerde bouwkunde aan de Technische Hogeschool Eindhoven van 1966-1975 en werd bekend met werken zoals het Java-eiland in Amsterdam, Circus Zandvoort en de stedenbouwkundig herontwikkeling van het centrum van Zaandam met uitvergrote, groene Zaanse gevels. Zijn architectuur wordt wel gezien als een moderne variant van ‘architecture parlante’ wat duidt op de (klassieke) symboliek van de vormentaal. De architectuur spreekt zich uit in de vorm.

 

Huis Bakels gezien vanuit de op het zuiden gelegen achtertuin.

Naar achter geplaatst

Het Zaanse project is een grootstedelijk centrum en omvatte naast woningen, kantoren, winkels, een hotel ook het nieuwe stadhuis in de karakteristiek, modern Zaanse stijl. Dit ontwerp ontving de Parteon Architectuurprijs. De naam van het programma, Inverdan, is ontleend aan het oud Zaanse woord dat betrekking heeft op de plaatsing van een gebouw op de bouwkavel, namelijk ’meer naar achter geplaatst’. Bij het huis aan de Crayenesterlaan is dat ook het geval. Het ligt een beetje verstopt achter een oude grove den.

 

 

Soeters ontwierp ook nogal wat vrijstaande woonhuizen. In 2025 verscheen het boek 12 Huizen, waarin onder meer drie eigen woningen van de architect zijn opgenomen en een uitgebreide toelichting over zijn visie en benadering van de opdrachtgevers. Bij het verschijnen in Haarlem werd het boek gepresenteerd door zijn schoonzus Anneke Bakels – Stefels, die samen met haar man Floris opdrachtgever is van een van de in dat boek  getoonde huizen. Zij woonden toen al 40 jaar met veel plezier in het huis.

Huis Bakels is naar achter geplaatst op de kavel.

Een lommerrijke buurt

Het echtpaar Bakels kocht een kavel grond in het lommerrijke Tuinwijk-Zuid met een geringe breedte van tien meter, maar met een behoorlijke diepte. Het terrein was afgesplitst van het ernaast gelegen, oude landhuis en grenst aan de zuidkant aan de Crayenestervaart. De tuin aan de achterzijde van het huis lijkt dieper doordat aan de andere zijde van de vaart de tuinen van de achterburen zichtbaar zijn.

 

 

 

Het aanvankelijke ontwerp van Soeters was georganiseerd rondom een patio of binnentuin. Het zou een ‘kinderdorp’ worden voor de toen vierjarige tweelingdochters,  waarvan een van de meisjes  ten gevolge van een geboortetrauma zodanig gehandicapt was dat al gauw duidelijk werd dat een aangepast huis nodig zou zijn met een ruime, rolstoeltoegankelijke begane grond verdieping. Ook in het eerste ontwerp was het huis al ver naar achter op de kavel geplaatst. Om de benodigde aanpassingen mogelijk te maken was een zo breed mogelijk huis erg belangrijk, terwijl tegelijk zo goed mogelijk  het zijzicht vanuit de buurhuizen gegarandeerd moest zijn. Uiteindelijk is het idee van de binnentuin verlaten om meer ruimte voor de achtertuin te behouden.

De woonruimte met haard en gele gietvloer.
De werkkamer boven de woonruimte.

 

Aandacht voor de vorm

Bij de boekpresentatie ging Anneke Bakels in haar bijdrage in op de rol van de opdrachtgever en de architect. Noch Soeters, noch zijzelf als de opdrachtgevers hadden een scherp omlijnd  idee wat het betekent een rolstoelvriendelijke woning te ontwerpen. In nauw overleg hebben zij samen het proces doorlopen van het zoeken naar de eigen woonwensen en de aanpassingseisen: er is een praktisch huis ontstaan. Ook ging zij in op de grote betekenis van de vorm:

 

 

‘Wie denkt dat architectuur iets is voor mensen die een wat overdreven aandacht voor vorm hebben en misschien ook wel teveel geld te besteden hebben voor iets doodgewoons als een huis, hebben het mis!

Waarschijnlijk bestaat bij veel mensen het beeld dat door voor dit probleem een architect in te schakelen, het vooral gaat over de buitenkant van een gebouw en de indeling en meer niet. Dat is niet zo. In tegendeel. (…)

 

 

Op de een of andere manier begreep Sjoerd Soeters wat wij nodig hadden, wist de juiste deskundige kennis uit gehandicaptenland te bemachtigen en slaagde erin op een heel bijzondere en fijne manier ons programma van eisen te formuleren. Dit heeft geresulteerd in een huis waarvan de voorgevel verwijst naar de tempel uit de klassieke oudheid. Een tempel gewijd aan ons gezinsleven ingebed in het omringende groen.’

 

De eethoek en keuken grenzen aan de woonruimte.

Mijn eerste Palladio

Soeters zelf omschrijft de voorgevel van Huis Bakels als ‘mijn eerste Palladio’. Hij doelt daarmee op de klassieke compositie (later veel toegepast door de Italiaanse architect Palladio) van het entreedeel met twee kolommen en een spiegelend segmentvormig fronton; een boogvormige afsluiting van het voorste deel van de gevel die verder is opgebouwd uit twee kleuren lichte baksteen. Daarachter is de volle breedte van het huis zichtbaar.

 

De glazen puien bestaan uit een grid van vierkanten, ramen die deels zijn geblindeerd. Achter deze ramen bevindt zich rechts de kamer van de gehandicapte dochter met daarachter de aangepaste badkamer en links een ruime berging en de wc. De voordeur maakt deel uit van het centrale deel van de pui die tot de dubbele hoogte is opgetrokken. Deze entree-nis is teruggeplaatst achter de gevel; de schuine wanden achter de kolommen begeleiden op een vanzelfsprekende manier naar de witte voordeur die intrigeert doordat deze is bezaaid met gekantelde, vierkante spiegeltjes. Door de spiegelingen lijkt het soms of je hier naar binnen kan gluren.

 

De entree-nis vangt licht van boven door een glazen plafond. De dubbelhoge entreehal heeft een glazen kap in de vorm van een zadeldak. Licht uit het zuiden komt je hierdoor aan de noordzijde van het huis tegemoet: een ingenieuze vondst.

De entree-nis met kolommen en gebogen fronton.
De entreehal vangt licht via een glazen dak.

Garderobe en boekenmeubelen

De entreehal is een hoge vierkante ruimte met een steile wenteltrap die is ingepakt door een aantal losstaande matglazen schermen. Deze waaieren mee met de boog van de trap. Ze omarmen de garderobe en zijn tevens de afscherming van de trap aan de zijde van de entree. De trap leidt naar de dwarsgeplaatste overloop, een open gang op de slaapverdieping van waaruit je in de hal kan kijken. De balustrade bestaat uit boekenkasten ter weerszijden van de trapopgang. Aan de zijde van de hal zijn deze meubelen bekleed met een diagonaal geplaatst latwerkraster.

 

 

Na deze verrassende binnenkomst wacht de apotheose van het huis: de kern waar zich het familieleven afspeelt. De grote open woonruimte aan de achterzijde van het huis doet zich voor als een serre door de glazen achtergevel van zijmuur tot zijmuur. Het voorste  en achterste deel van de ruimte worden van elkaar gescheiden door een dwarsgeplaatste lichtstraat met een hellend, glazen dak. Hierdoor valt een grote hoeveelheid licht de ruimte binnen.

 

 

De draagconstructie van het achterste deel van het huis is traditioneel, opgebouwd uit (stalen) kolommen en een samengesteld balkenplafond van beklede, houten dwarsbalken en grenenhouten kinderbinten. Tussen de balken is het plafond blauw geschilderd, voorstellend de blauwe hemel die zich daarboven bevindt. De in een vierkant geplaatste dragende kolommen hebben een geheel eigen, ranke vorm en geven een speels ritme aan de ruimte. Het zijn clusters van elk vier gasbuizen, geverfd in zachte tinten geel, groen, blauw en rozerood. De constructie is sterk genoeg om de later toegevoegde ruime werkkamer te dragen. Deze is bereikbaar via een open steektrap en afsluitbaar met een luik.

De entreehal gezien vanaf de overloop met de boekenkasten.
De trap en achterzijde van een van de boekenkasten.

Podium voor eetkamer en keuken

Bij binnenkomst via de taatsdeur vanuit de hal is daar eerst de keuken aan de rechter zijde en de eetkamer links. Beide ruimten zijn open naar het woongedeelte toe en zijn geplaatst op een podium met lage muurtjes waardoor de intimiteit wordt bevorderd, maar het zicht naar de woonruimte niet wordt belemmerd. De eetkamer heeft een lage halfronde muur als afscheiding en de keuken wordt afgeschermd door halfhoge muren aan twee zijden. Zo is er altijd contact mogelijk tussen kookplaats, eethoek en zitplaats met als bijkomend voordeel dat er niet direct hoeft te worden opgeruimd in de keuken.

 

 

De keuken en de eethoek zijn van elkaar gescheiden door een brede doorgang met een korte hellingbaan naar de woonruimte. Als bekroning is daar een baldakijn, een vierkante, verlichte poort met een hemel, opgehangen tussen vier gekleurde kolommen. De muren staan op een uitgebouwde, betegelde plint die de begrenzing van het podium markeert. De warm gele gietvloer bindt alle ruimten op de begane grond samen.

De eetkamer en de keuken op een podium met daartussen de hellingbaan naar de woonruimte.

Functieveranderingen

Op de slaapverdieping zijn de kamers en de badkamer gegroepeerd rondom de dwarsgeplaatste gang. De functie van de vertrekken is meegegroeid met de levensfasen van het gezin. De badkamer ligt op het zuiden en is op de achtertuin gericht. De inrichting daarvan is inmiddels gemoderniseerd. De twee kamers aan de oostzijde, het domein van de ouders, zijn doorgebroken. Toen de nieuwe werkkamer boven het woongedeelte in gebruik werd genomen werd de doorgebroken kamer omgebouwd tot slaapkamer annex inloopkast met uitschuifbare kasten en schuifdeuren. Aan de westzijde werd de kamer van de tweede dochter met het mee-ontworpen bureau als werkkamer, tevens slaapkamer voor de twee kleinkinderen ingericht. De werkkamer aan de voorzijde werd logeerkamer.

De woonruimte gezien richting de trap naar de werkkamer.
De baldakijn met blauwe hemel tussen eethoek en keuken.
De inloopkast grenzend aan de slaapkamer.
De werkkamer werd later logeerkamer.

Eigensoortige kasten en meubelen

Als levenslange adviseur begeleidde Sjoerd Soeters de veranderingen in het leven en het interieur van de familie Bakels. In de eetkamer kwam een eettafel. Het ontwerp is samengesteld uit de elementen die je over houdt als je een cirkel zaagt uit een vierkant stuk multiplex. Hij zette de hoekstukken als poten op ronde klossen. Een bijzettafel in de woonruimte kan uitgeklapt worden zodat het tevens een bergmeubel is. Een lichte, gewolkte houtsoort werd gekozen, passend bij die van de sofa.

 

 

De keuken is op maat gemaakt met zalmkleurige keukenkasten, teakhouten werkbladen en bovenkasten met draadglazen schuifdeurtjes. Aan de zijde van de woonruimte is aan de halfhoge muur een licht blauwe kast opgehangen met vierkante vakken.

 

 

In de eetkamer werd een licht geelgroene kast toegevoegd om meer bergruimte te verkrijgen. Deze kast is deels open en deels voorzien van kastdeuren en lades.

 

 

Ook de vaste kleding- en boekenkasten in de slaapkamers zijn door de architect ontworpen. De kamer op de beganegrond kreeg een groene kast met ronde knoppen waarin een hoek is uitgespaard, als plaats voor een oude handgemaakte schemerlamp uit de familie.

De keuken met teakhouten aanrechtblad.
De kleuren en spiegeltjes komen overal terug.
De voorgevel met spiegels en glas.
De slaapkamer op de begane grond.

Schoonheid, vrolijkheid en lichtheid

Gekantelde en gedraaide vierkanten en rasters buitelen over elkaar heen. Hoogteverschillen, spiegels en lichteffecten zorgen voor verrassende ruimtewerkingen. Vrolijke kleuren en speelse vormelementen zijn kenmerkend voor de wereld van het postmoderne interieur. Ze verrijken de wereld van de bewoners.

In de woorden van Anneke:

 

‘Sjoerd heeft daarbij – en als je door dit boek bladert zie je dat het zijn eigen door de jaren heen in stand gebleven handschrift is – ons huis op geheel eigen wijze vormgegeven. Zijn gebruik van het (zon)licht (vaak reflecterend in ingebouwde spiegels of op mysterieuze wijze tevoorschijn komend vanuit het zuiden, bij de gevel op het noorden) is van essentieel belang. De verschillende zachte, heldere kleuren en zijn heel specifieke manier van vormgeven brengen schoonheid, vrolijkheid en lichtheid. Allemaal eigenschappen die je in ieder huis maar zeker in een aangepast huis heel goed kan gebruiken.’

 

Interview met de opdrachtgevers: klik hier!

 

Tekst: Barbara Laan

Foto’s: Bert Muller

Copyright: SHI/BMbeeld 2026

 

 

Bronnen

Soeters, S. en H. Ibelings, 12 Huizen, Rotterdam/Montreal 2025

Ibelings, H Sjoerd Soeters (serie Monografieën van Nederlandse architecten), Rotterdam 1996

De trap in de entreehal gezien richting keuken.

Meer info over dit huizenportret?

Stuur ons een mail