Interview Edward van de Zande

boodschappenluik doorgeefluik schuifpui
bungalow splitlevel

Huis van de Burgemeester in Rhenen 1963

 

Langzamerhand wordt je er echt verliefd op

Edward vertelt dat zijn vrouw Juliette en hij een stuk bosgrond kochten na de verkoop van hun onderneming, als investering in de onzekere tijden van de bankencrisis. Het behoort tot een landgoed en valt onder de Natuurschoonwet. Er bleek een villa op te staan, gebouwd voor de burgemeester van Rhenen en zijn echtgenote in 1963-1965, helemaal overwoekerd. Zij is er blijven wonen als weduwe tot op hoge leeftijd; ze werd 104 jaar oud en liet het huis achter, gevuld met antiek en stapels kranten, opgetast tot aan de plafonds.
Als je door de velden loopt zie je de villa van een afstandje liggen in het bos. ‘De weerspiegeling in de ramen: dat vinden wij het mooiste aan het huis. Je ziet de lucht en de bosrijke omgeving in het enorme glasoppervlak van de woonkamer. Wat ik zelf ook heel fraai vind is hoe de villa is ingelaten in het oplopende heuvellandschap, het gebruik van de materialen en de zwevende elementen van het huis. Ook zitten er grappige details in deze bungalow, zoals het boodschappenluikje.’

De favoriete plaats in huis van Edward van de Zande is bij de open haard.
Het ’treinzitje’ in de keuken. (herkomst oude foto: eigenaren)

Het stond te koop als slooppand

‘Toen we hier kwamen in 2009 stond het huis al een tijdje leeg: dan zie je alleen maar de troep! Het dak lekte, het dakbeschot was rot, het rook muf en vochtig, het was vies en er zaten overal muizen. De makelaar had het te koop gezet als slooppand. Maar je moet erdoor heen kijken; toen we thuiskwamen realiseerden we ons: dit is een bijzondere villa, dit mag niet verloren gaan.
We zijn plannen gaan maken om het huis op te knappen en het te restaureren en omdat we het niet zelf wilden bewonen zijn we het een paar jaar lang gaan verhuren. In het huurcontract lieten we opnemen dat bijvoorbeeld de houten wanden niet geverfd mochten worden en dat veranderingen alleen mochten worden gedaan in overleg.’

 

Met die mensen zijn we niet in zee gegaan

‘Op een gegeven moment waren er huurders die de badkamer eruit wilden slopen. Met die mensen zijn we niet in zee gegaan. Die glas mozaïeksteentjes aan de wanden, die waren heel modern in die tijd. Kijk wat prachtig die vloer ook, met paars en lichtblauw en zo’n oud haakje van plexiglas! We hebben het allemaal zo gelaten. We hebben wel het verroeste gietijzeren bad vervangen. Met de mozaïeksteentjes die tegen het oude bad aanzaten, hebben we de gaten opgevuld. Het bad en de douches hebben moderne, cirkelvormige mengkranen die we graag wilden behouden. Uiteindelijk hebben we een mannetje van Grohe gevonden in Duitsland, die het binnenwerk van de mengkranen kon restaureren. Alles functioneert nu weer en het ziet er nog steeds uit als vroeger.’

 

 

 

Edward van de Zande bij de muziekkast.

Alles zweeft aan deze villa 

De woonkamer bevindt zich in een soort kijkdoos die boven het terrein uitsteekt: ‘je zweeft hier als het ware boven de grond.’ En ook in de slaapkamers op de eerste verdieping: de kubus waarin deze zijn ondergebracht heeft een overstek waar je onderdoor kan lopen. En de planken van de boekenkast in de bibliotheek lijken ook te zweven: ze zijn opgehangen aan dunne, zwart metalen kolommetjes die je nauwelijks ziet. Zelfs de robuuste, uit natuursteen gehakte, schoorsteenpartij is opgetild en de trappen in het huis hebben zwevende treden.

 

Je ontdekt pas hoe het voelt als je het zelf in gebruik hebt

‘Toen de laatste huurders de villa in 2017 verlieten hebben we er een familiehuis van gemaakt, waar we met de hele familie van kinderen en kleinkinderen bij elkaar komen; iedereen mag het huis gebruiken. Als tegenprestatie hebben we een jaarlijks klusweekend in de herfst waarbij de gebruikers hun steentje kunnen bij dragen aan het groot onderhoud van huis en tuin. Voor het dekken van de onderhoudskosten verhuren wij de villa als vergader- en filmlocatie en voor fotoshoots. Momenteel gebruikt de Bijenkorf een aantal hoekjes voor een reclamecampagne.
Toen wij de villa in gebruik namen om deels zelf te bewonen ontdekten wij pas hoe het voelt als je het zelf in gebruik hebt. In de zomer zitten we altijd op het terras aan de zuidkant bij de tuinkamer. Het raam, dat de gehele wand bestrijkt, laten we dan in de grond zakken. Dat heeft wel een grote ‘wauwfactor’.
In de woonkamer aan de westkant zitten we veel in de winter, lekker bij de open haard. De zonsondergangen kan je hier prachtig zien: ‘s zomers gaat de zon pal in het westen onder en in de winter meer zuidwest.’

 

We hebben dit op gevoel gedaan

‘Langzamerhand zijn we steeds meer verliefd geworden op de villa. We zijn zelfs naoorlogs design gaan verzamelen, speciaal om een smaakvolle inrichting te zoeken die mooi zou aansluiten bij de architectuur. We hebben dit op het gevoel gedaan en we vinden het fijn dat het een beetje een eclectisch geheel is, alsof de inrichting met het huis is meegegroeid.
We hebben mooie stukken gevonden, zoals deze bank en fauteuils van Rob Parry voor in de woonkamer en een eettafel met stoelen van Braakman voor in de keuken, uit zijn Japanse periode. Oorspronkelijk was hier een soort treinzitje met een vaste tafel en twee bankjes; we hebben er nog bouwtekeningen van. Misschien gaan we het nog wel een keer terugbrengen.
Wij hechten er waarde aan dat de bungalow en het interieur in hun oorspronkelijke vorm bewaard blijven voor toekomstige generaties en dat er zoveel mogelijk mensen van kunnen genieten.’

 

Bekijk het Huizenportret: klik hier!

 

Tekst: Barbara Laan

Foto’s: Bert Muller

Copyright: SHI/BMbeeld 2024

Luikjes voor de postbode, de melkboer en de groetenboer.